Actieve onderwerpenActieve onderwerpen  Toon de lijst met forumledenLedenlijst  KalenderKalender  Doorzoek dit forumZoeken  HelpHelp
  RegistrerenRegistreren  InloggenInloggen
Zweinstein
 Het Harry Potter Forum : De Toren der Creatievelingen : RPG 3.0 : Zweinstein  
Onderwerp: Dark Jewels Beantwoord bericht Plaats een nieuw onderwerp
<< Vorige Pagina  van 2
Schrijver Bericht
Timsel
Moderator
Moderator
Avatar
Aartsvijand van het Spammelding

Lid geworden: 08 november 2007
Locatie: Italy
Online status: Offline
Berichten: 4963
Quote Timsel Beantwoordbullet Geplaatst op: 24 juli 2020 om 11:32
“Nee, ik ben oké!” riep Alicia naar boven, waar Joshua’s hoofd boven haar bungelde. “Beetje pijn in mijn rug, maar niets wat madam Plijster of Fox niet kan fixen…”
Ze keek de tunnels in. Er kwam een vage gloed uit een van de tunnels. “Ik denk dat deze hollen bewoond worden,” zei Alicia. “Maar door wat weet ik niet. Misschien wel die Acromantula…” Ze slikte. “Er zijn hier een hele hoop tunnels,” legde ze uit. “Ik kan hierdoorheen en dan kom ik hopelijk weer bij jou uit. Denk ik. Blijf waar je bent – denk ik? Dan kom ik er zo aan…”
Ze stapte de donkere tunnel in, enkel verlicht door het licht van haar toverstok. Het was doodstil in de gang en het enige aan leven wat ze zo kon zien waren de insecten die over het zand van de tunnel kropen en angstig voor haar licht achteruit deinsden.
De gloed leek steeds feller te worden. Het was een beetje goudachtig, dus ging Alicia ervan uit dat hier wel iets moest zijn. Voorzichtig keek ze het grote hol in waar de gloed vandaan kwam. Haar mond viel open.
Ze was in een schattenberg aangekomen. Overal goud en zilver dat willekeurig rondslingerde, vergezeld met hier en daar een bot. Goud, oude juwelen, kronen, hele schatkisten vol… what the hell. Dit was nog meer dan haar kluis, die van haar broer en zus en haar ouders en hun ouders gecombineerd en dat dan keer vijf.
In het midden van het hol stond een spiegel. Voorzichtig liep ze naar de spiegel en bekeek zichzelf. Of nou ja, zichzelf. Ze herkende zichzelf nauwelijks. Haar haren waren zwart, ze droeg een veel te onthullend topje met een kort rokje daaronder, laarzen met hakken waar ze nauwelijks op kon lopen, en haar ogen waren doorlopen. Grote wallen en het meest verrassende nog – dikke mascara, terwijl ze dat eigenlijk alleen met Halloween opdeed.
Dit was niet Alicia. Dit was iemand anders.
In de reflectie van de spiegel zag ze het plotseling. Het medaillon. Het medaillon dat haar blijkbaar verwoeste. Het medaillon leek naar haar te fluisteren. Kom bij me, lieverd. Doe me om. Alleen zo haal je het maximale uit jezelf…
Ze liep met trillende benen naar het medaillon toe. Ze strekte haar arm uit – maar trok zich toen weer terug. Nee. Dat medaillon was slecht voor haar.
Ze draaide zich om. Dit moest Joshua weten – een hele schatkist vol. Misschien, als ze het ooit weer normaal met elkaar zouden kunnen vinden, zouden ze misschien een leuk huisje ervan kunnen kopen…
“Gwraaahhh!”
Alicia gilde van schrik toen ze het geluid hoorde. Zo hard, dat Joshua het vast gehoord had. Het waren vijf mannetjes, ongeveer van haar – niet al te grote – lengte stonden voor haar, met knuppels in hun handen met grote stekels eraan. Ineens begreep Alicia wat hier aan de hand was: dit was een Roodkopjeshol. Roodkopjes verzamelden wat ze van hun slachtoffers konden stelen en blijkbaar was dat best veel – en onder die slachtoffers was dus ook een Delfstoffer gekomen.
Eén van hen sprong op haar af, en sloeg haar in het gezicht met zijn grote knuppel. Alicia gilde van de pijn en belandde op de grond. De roodkopjes wierpen zich massaal op haar, en vielen haar aan.
Ik moet wel. Als ze het niet deed, zou ze hier sterven; ze greep het medaillon vast. Meteen al voelde ze zich een stuk moediger en groter. Zonder twijfel en vol woede gooide ze een groene lichtflits op het roodkopje dat haar als eerste aangevallen had, gevolgd door een serie andere vloeken in de richting van de anderen. Helaas waren er nog een stuk meer gekomen.
“KOM DAN!” brulde ze. “Ik maak jullie allemaal af, stuk voor stuk!”
La scimmia nuda balla
IP IP gelogd
Terug naar boven
Blossom
Zwadderich
Zwadderich
Avatar

Lid geworden: 27 november 2008
Online status: Offline
Berichten: 8726
Quote Blossom Beantwoordbullet Geplaatst op: 26 juli 2020 om 17:25
Alicia gaf gelukkig antwoord. Ze leek heel rustig te zijn, of in ieder geval niet de hoeveelheid adrenaline te voelen die bij hem nog door zijn aderen kolkte. In enkele volzinnen beschreef ze hoe het hol eruit zag. Had ik nou maar beter mijn best gedaan bij Verzorging van Fabeldieren, dacht Joshua in het korte moment voordat zijn Zienersgave hem weer alarmeerde. Dat gebeurde vaak, en hij nam het de laatste tijd nooit serieus. Nu, echter, in het Verboden Bos, was het beter om het wèl te doen. Hij draaide zich om, stopte twee benen in het gat en liet zich naar binnen glijden met zijn toverstok in de aanslag.
“Alicia?” riep hij, met een niet al te harde stem want misschien werd die dinges die hier woonde wel kwaad. Hij kon niet rechtop door de tunnels lopen, soms moest hij diep bukken, soms kruipen. Het licht van zijn toverstok toonde hem een heel gangenstelsel.
Waar moest hij heen?
Plotseling hoorde hij een grom, gevolgd door een schreeuw. Uit welk hol klonk het want hij had vier keuzes vanaf hier!
Een van de gangen lichtte groen op. GROEN?!? Snel koos Joshua de gang waar het licht vandaan gekomen was, en trof een stel dwergen of wat het ook waren, vechtend met Alicia aan. En Alicia… was buiten zichzelf van woede.
Op dat moment wist Joshua niet voor wie hij angstiger moest zijn: voor die Roodkop-dingen of voor Alicia. Ze waren beiden gevaarlijk! Eentje sprong op hem af, met een stekelige knuppel, maar hij wist Joshua niet te raken.
Er waren ook niet veel spreuken uit het Verweer-spectrum die Joshua uit kon voeren, maar met de geringe vaardigheden die hij had, was hij toch maar mooi toegelaten tot het volgende leerjaar. Hij moest nu kiezen; heel snel voordat hij ingesloten zou worden en hij geraakt zou worden door een afgedwaalde, dodelijke vloek van Alicia.
Protego Maxima!” Witblauwe stralen schoten uit zijn toverstok en dwongen iedereen te stoppen met vechten. Ze vormden tussen hem en Alicia een parasol met daar tussenin een ondoordringbaar schild, en het duwde alle dwergen eronder. Met hun stekelige knotsen probeerden ze het schild kapot te rammen, wat vooralsnog niet lukte, maar Joshua wist niet hoe lang zijn betovering stand zou houden.
Hij kon niet naar Alicia toe, en zij niet naar hem. Misschien was dat maar goed ook. Joshua was niet echt bang, want het was Alicia. Zijn Alicia. Hoewel; ze was méér dan Alicia. Ze had dat medaillon, die kwaadaardige parasiet, gevonden.
Kijkend naar de ravage van dode dwergachtige wezens, keek hij haar aan en kon wel huilen.
“Nou, ik hoop dat je je weer compleet voelt. Ik ga er maar weer eens vandoor,” kondigde hij aan. Hij meende het niet echt, maar hij kon nu echt niks voor haar betekenen.
IP IP gelogd
Terug naar boven
Timsel
Moderator
Moderator
Avatar
Aartsvijand van het Spammelding

Lid geworden: 08 november 2007
Locatie: Italy
Online status: Offline
Berichten: 4963
Quote Timsel Beantwoordbullet Geplaatst op: 27 juli 2020 om 11:04
De tocht terug naar Zweinstein verliep in stilte. Alicia trilde nog steeds en wist niet hoe ze zich moest voelen. Triomfantelijk? Walgend? Trots? Verafschuwd? Het ene moment kreeg ze een grijns op haar gezicht toen ze de beelden van de dode roodkopjes weer voor zich zag, het andere moment kon ze er wel om huilen.
Ze wist ook zelf niet zo goed wat ze moest zeggen. Ze wilde wel schreeuwen. Ze leek niet van het medaillon af te kunnen blijven terwijl ze wist hoe slecht het wel niet voor haar was. Aan de andere kant was ze waarschijnlijk doodgegaan als ze het medaillon niet gepakt had. Het medaillon dat nu achteloos aan haar nek bungelde.
Het was het medaillon, wilde ze zeggen. Ik was het niet. Maar was dat wel zo? En zou Joshua haar wel geloven?
Ze had het koud; Alicia rilde, en hoe verder ze liepen, hoe kouder het wel leek te worden. Gingen ze wel de goede kant op?
Ze aarzelde. Ze wilde zeggen dat ze zichzelf niet onder controle had, maar iets hield haar tegen. Het medaillon. Haar hand ging naar het kettinkje toe, maar haar spieren weigerden zich te bewegen.
Je bent van mij, siste een stem in haar hoofd. Het medaillon ging strakker om haar nek zitten. Het was hopeloos. Ze gaf op en de spanning van het medaillon werd zwakker. Ze kon wel huilen.
Toen ineens, doemde een duistere gedaante op uit het niets. Hij verscheen, tussen de bomen, met een diep, gorgelend geluid. Een Dementor. Ze hief haar toverstok instinctief op. “Expecto Patronum!
Er gebeurde niets. Alicia probeerde een hele gelukkige herinnering tevoorschijn te halen, maar kon zich niets bedenken. Alles wat ze zag, was haat, dood, verdriet. De Dementor kwam dichterbij…
“Nee! Joshua!”
De Dementor greep haar vast. Ineens was ze heel ergens anders. Een duister eiland, bij een groot fort. Ze huilde terwijl haar hand zich aan de tralies van de cel van haar ouders klemde. Ze keken haar met lege ogen aan, uitgezogen, bang.
“Pappa? Mamma?” zei ze, al klonk haar stem heel anders dan ze gewend was; vooral erg jong. Haar moeder keek op, en leek een zweem van een glimlach te laten zien.
“Valarie,” fluisterde haar moeder. Maar de Dementors wilden niet dat ze sprak; ze wierpen zich op haar. “NEE, MAMMA!!!” Ze rammelde aan de tralies van haar cel en zag haar moeder verdwijnen onder de dikke tranen die haar ogen vervulden…
Ineens lag ze weer in het bos. Ze trilde helemaal. “Joshua…”
La scimmia nuda balla
IP IP gelogd
Terug naar boven
Blossom
Zwadderich
Zwadderich
Avatar

Lid geworden: 27 november 2008
Online status: Offline
Berichten: 8726
Quote Blossom Beantwoordbullet Geplaatst op: 27 juli 2020 om 23:40
Een medaillon kon lange nagels hebben, om een hart als krabpaal te gebruiken en zodoende te laten bloeden. Rotding. Joshua was oprecht boos, teleurgesteld en verdrietig toen hij de weg terug naar Zweinstein zocht. Niet per se was hij kwaad omdat Alicia het medaillon had teruggevonden, maar meer omdat ze het had gebruikt om Roodkopjes (zo bleken die dingen te heten) gewoonweg te vermoorden in plaats van te verlammen, waarna ze zich verschool achter de loze verklaring dat het zelfverdediging was.
Hij liep daarom meters op haar vooruit, ze moest hem maar volgen, hij wilde haar niet meer spreken, of althans niet meer voordat ze dat stomme medaillon afgegeven had aan hun afdelingshoofd omdat het vervloekt was. Hij had nog aangeboden het voor haar te doen, maar nee, dat wilde ze niet. Haar zwarte ogen hadden hem gedwongen afstand te nemen voordat ze hem met dezelfde vloeken zou bestoken als de dwergen in dat ondergrondse gangenstelsel zojuist.
“Waarom, waarom, waarom…” pruttelde hij nog na. Eigenlijk gaf hij zichzelf de schuld, in een reeks had-ik-maars, maar hij wist ook wel dat hij tegen de bierkaai vocht. Er was geen beginnen aan om iemand die ergens van bezeten was, daarvan te genezen.
Het was een eitje om de weg terug naar Zweinstein te vinden; dat deed hij op gevoel, ook al was zijn gevoel momenteel grootser dan ooit. Zijn gedachten waren bezig, op volle toeren, met heel andere dingen dan de gevaren van het Verboden Bos.
Plotseling hoorde hij zijn naam, uitgesproken door Alicia, ietwat bangig, maar toch was Joshua’s eerste reactie: Wat moet die trut nou weer? Desalniettemin draaide hij zich om en merkte toen pas hoe koud het was en - wat doen die Dementors hier? Hoorden die niet gewoon in Azkaban?
Expecto Patronum!” uit zijn toverstok schoten zilveren flarden, genoeg om de zwarte gedaanten achteruit te drijven, maar lang niet genoeg om hen te verjagen. Snel rende hij naar Alicia toe, die inmiddels hulpeloos op de grond lag. Hij nam haar in zijn armen en wou dat hij een volwaardige Patronus tevoorschijn kon toveren, maar kennelijk ging dat niet als hij gewoon pissig was. Samen met haar rilde hij; ze hadden het beiden koud en hij kon haar weinig warmte bieden.
Hoewel… Hij was kwaad op haar omdat hij van haar hield.
“Alicia,” zei hij zachtjes bij haar oor, en wist dat hij een oneerbaar voorstel deed, want ze had verkering met Mason en ze was dus bezet, maar- “ik zou je graag kussen. Honderd keer liever dan die Dementor zojuist.”
IP IP gelogd
Terug naar boven
Timsel
Moderator
Moderator
Avatar
Aartsvijand van het Spammelding

Lid geworden: 08 november 2007
Locatie: Italy
Online status: Offline
Berichten: 4963
Quote Timsel Beantwoordbullet Geplaatst op: 28 juli 2020 om 10:51
Hij wilde haar kussen? Na alles wat ze net had gedaan? Sprakeloos keek Alicia hem aan, maar ze kon zich niet bewegen met de Dementor boven haar die op het punt stond de genadeklap uit te delen. Ze slikte en haar lippen trilden.
“Als ik mijn ziel verlies, is een kus met jou de mooiste herinnering om mee te eindigen,” fluisterde ze. Ze pakte hem bij zijn kraag om hem dichterbij te brengen en kuste hem op zijn lippen – voor het eerst in drie jaar tijd.
Ze genoot van de zoen – ze was vergeten hoe goed Joshua kon zoenen. Ze voelde allerlei gevoelens opborrelen die ze al heel lang niet gevoeld had. Haar tranen vermengden in haar zoen toen ze hem uiteindelijk los liet en zachtjes over zijn wang aaide. “Sorry,” wist ze met moeite uit te brengen. “Voor alles.”
Toen greep de Dementor haar. Van alles vloog voorbij. Veel dingen die voorbij kwamen waren herinneringen die zich niet kon herinneren. Was dat van voor de operatie, of…?
Toen, een groot, wit licht dat het donkere bos vervulde. Alicia hapte naar adem en… de Dementor was weg. Had Joshua dat voor elkaar gekregen? Toen werd alles voor haar ogen zwart.
La scimmia nuda balla
IP IP gelogd
Terug naar boven
Blossom
Zwadderich
Zwadderich
Avatar

Lid geworden: 27 november 2008
Online status: Offline
Berichten: 8726
Quote Blossom Beantwoordbullet Geplaatst op: 28 juli 2020 om 23:12
Hij had kennelijk geen betere vraag kunnen stellen, al verbaasde het hem wel dat ze hem niet in zijn gezicht sloeg. Waarschijnlijk was daar een heel klein vleugje van de oude Alicia, de echte Alicia, het schattige meisje dat het hart gestolen had van zijn drie jaar jongere ikke - en het nooit meer had teruggegeven. Natuurlijk; zijn hart was groot en iedereen mocht een stukje, maar dat maakte het niet minder oprecht.
En ook niet minder gelukkig, juist nu er een Dementor vlak boven hen hing, die Alicia het meest interessant bleek te vinden. Nauwelijks vulde hij zich met de mooie herinneringen die hij had aan zijn eerste kus, en de vele kusjes die erop gevolgd waren, en dat ze vaak vol emoties had gezegd dat ze van hem hield, toen ze ruw uit zijn armen werd getrokken. Joshua schoot direct in actie: door die kus had hij de kracht gevonden om een fatsoenlijke Patronus tevoorschijn te toveren.
Het licht was zoals van een bliksem. Het dier - een dolle walibi - sprong tegen de Dementors op en joeg hen weg.
“Alicia!” Ze lag meters verderop en hij rende dan ook naar haar toe. Was ze haar ziel kwijt? Had het medaillon misschien ook een ziel gehad? Was ze nu leeg en hol en-? Hij knielde bij haar neer en controleerde of ze ademde. Dat deed ze. Dat was een goed teken, toch?
In de afgelopen drie jaar was Alicia niet veel in lengte gegroeid. Hij wel; minstens tien centimeter. Fysiek was hij niet overdreven sterk, maar sterk genoeg om Alicia op te tillen en te gaan lopen, weg van hier, naar huis, naar Zweinstein. Het was niet ver, dat wist hij. Toen de bomen kleiner werden en de bossen wat lichter, de bladeren frisser groen en er hier en daar een varen groeide, wist hij dat dit niet meer het gevaarlijkste deel van het bos was. Zijn armen waren verzuurd en zijn benen weigerden grote stappen te nemen, dus hij kon beter pauze houden. Op het zachte mos legde hij haar voorzichtig neer en ging naast haar zitten om op adem te komen. Met een dof gevoel in zijn maag keek hij naar het bewusteloze meisje.
“Word alsjeblieft wakker,” smeekte hij. “Laat het… niet voor niets geweest zijn.” Hij streelde haar klitterige haren, en twijfelde nog even of hij dat medaillon niet van haar hals zou halen en in zijn broekzak zou steken, maar besloot geen dingen te doen waar hij geen verstand van had. Wie weet werd dat juist haar ondergang.
“Het komt weer goed, Alicia, ik beloof het.”
Dat was te zeggen: als ze tenminste wakker zou worden.
IP IP gelogd
Terug naar boven
Timsel
Moderator
Moderator
Avatar
Aartsvijand van het Spammelding

Lid geworden: 08 november 2007
Locatie: Italy
Online status: Offline
Berichten: 4963
Quote Timsel Beantwoordbullet Geplaatst op: 30 juli 2020 om 13:33
Alicia’s hoofd deed pijn toen haar ogen voorzichtig weer open gingen. Ze voelde om haar heen en voelde dat nat mos haar handpalmen bereikte. “Joshua?” Die zat tegenover haar, zo te zien heel erg opgelucht over het feit dat ze nog leefde.

Daarna moest Alicia naar de ziekenzaal. Gelukkig werden er (nog) geen gekke vragen gesteld door ofwel haar afdelingshoofd, het schoolhoofd, madam Plijster of madam Fox, die nota bene de vriendin was van haar broer. Het medaillon had madam Plijster afgedaan en in het nachtkastje gestopt, waar Alicia erg dankbaar voor was. Er hingen een hoop herinneringen aan het medaillon vast, en Alicia had lang niet geweten welke van haar waren en welke niet, maar dat wist nu wel. Het medaillon was behekst om een deel van de persoonlijkheid en herinneringen van iemand mee te brengen. En nu, door de ‘hulp’ van de Dementor, wist ze ook van wie. Valarie Lingaard.
Ze wist wie Valarie was. Dat was een meisje dat in Zwadderich gezeten had en toen plotseling verdwenen was en altijd mensen op gangen vervloekte en op het schoolplein zat te roken. Alicia had haar altijd doodeng gevonden, maar nu… nu leek het alsof ze een tijdje één waren geweest. Alicia kon haar beter begrijpen, hoewel ze haar gedrag niet goedkeurde.
Ze keek Joshua dankbaar aan; hij was geen moment van haar zijde geweken, al had ze het goed begrepen als hij dat wel had gedaan. Hoewel ze ontzettend duizelig was, keek ze hem dankbaar aan en kneep ze zachtjes in zijn hand.
Toen de staf hen even alleen liet, slaakte Alicia een diepe zucht. “Sorry, van alles. Als jij er niet was geweest, dan… dan weet ik niet wat er gebeurd was, maar dan lag ik in ieder geval niet hier.”
Ze wist, diep van binnen, dat de enige reden dat ze zich niet volledig aan de duisternis had overgegeven, liefde was. Liefde die ze stiekem nog koesterde voor Joshua. Als hij er niet was geweest, wat had haar er dan nog van weerhouden om Valarie’s duistere daden voort te zetten? Misschien had ze wel iemand vermoord dan. Die arme roodkopjes… ze hadden dat niet verdiend…
Ze kreeg tranen in haar ogen. “S-sorry, ik… ik… het was verschrikkelijk. Ik weet niet wat ik deed, en heb gedaan, ik had het niet onder controle…”
Ze slikte en veegde de tranen weg. Ze was blij dat hij hier was. Al zou ze dat lang niet toegeven. Zijn verraad had dit deels veroorzaakt, al was hij natuurlijk niet in zijn eentje verantwoordelijk voor wat er gebeurd was. Het was voor een groot deel haar fout, maar ze was dus gevoelig voor dit soort duistere dingen, enkel omdat ze een paar stomme dingen had meegemaakt. En Joshua kennende, zouden er nog veel meer van volgen. Nee, ze zou niet weer voor hem vallen. Dat kon nooit tot goede dingen leiden.
La scimmia nuda balla
IP IP gelogd
Terug naar boven
Blossom
Zwadderich
Zwadderich
Avatar

Lid geworden: 27 november 2008
Online status: Offline
Berichten: 8726
Quote Blossom Beantwoordbullet Geplaatst op: 04 augustus 2020 om 21:44
Het was niet druk in de ziekenzaal. Joshua was bijna niet van Alicia’s zijde geweken, alleen soms een stapje achteruit zodat Mme Plijster en Abigail hun werk konden doen. Ondertussen vertelde hij hen dat ze door een Dementor gegrepen was, en na een onderzoek dat een eeuwigheid leek te duren, kreeg hij het verlossende woord dat het weer goed zou komen.
Ergens, diep in zijn hart, had hij dat wel geweten, maar de mening van een professional was altijd beter dan een halfgare zienersgave. Geduldig bleef hij daarna wachten totdat Alicia bij zou komen en plukte ondertussen nog wat spinnenrag uit zijn haren.
Hij had het toch maar mooi gedaan. Ondanks alles was hij een klein beetje trots op zichzelf. De dood in de ogen kijken (àcht ogen!) was verschrikkelijk, maar een Acromantula wegjagen met een spreuk gaf hem het gevoel onoverwinnelijk te zijn. Daarna de spreuk die Alicia redde van de Roodkopjes, en belangrijker nog; de Roodkopjes van Alicia redde, en niet veel later zijn Patronus! Zijn zilveren walibi was aan de late kant geweest, maar desondanks van puur geluk gemaakt. Voor deze ene keer was hij blij dat hij met Alicia het bos in gegaan was, want het had hen dichter bij elkaar gebracht, ook al had hij eerst een bokkenpruik op gehad. Stom medaillon.
Het zat nu in het nachtkastje. Zou hij het pakken en later ergens weggooien?
Voordat hij daarover een beslissing had kunnen nemen, kwam ze bij en verontschuldigde ze zich voor alles wat er gebeurd was. Joshua knikte begrijpend.
“Je was jezelf niet. Dat kon ik duidelijk zien, ook de afgelopen maanden en… nou, ja, ik heb geprobeerd om met je te praten, maar je werd altijd boos, en-” Hij wilde nog zoveel meer zeggen, maar hij had het gevoel dat er iemand meeluisterde. Echter; als hij om zich heen keek, zag hij niemand, maar voelde hij wel een bepaald soort aanwezigheid.
“Is daar iemand?” vroeg hij in het luchtledige.

Al maanden hield Danyel iets in de gaten: een meisje uit Huffelpuf dat een medaillon droeg waarvan hij dingen vermoedde. Aangezien het bij vermoedens bleef, had hij geen actie ondernomen, maar nu ze in de ziekenzaal was, en hij een luistervink was geweest, wist hij hoe de vork ongeveer in de steel zat. Hij had ook gezien hoe het medaillon in het nachtkastje belandde, en al vlug werd zijn nieuwsgierigheid te groot. Hij had zich, sinds Valarie hem vermoord had, niet vaak laten zien, uit angst mensen de stuipen op het lijf te jagen. Jammerende Jenny was al veel meer, zowel door leerlingen als medegeesten, geaccepteerd als spook, maar Danyel was nog te vers, nog onbekend, of eigenlijk lag de schrik vooral bij het feit dat zijn jaar- en afdelingsgenoten allemaal nog Zweinsteinleerlingen waren. Veel mensen wisten wie hij was, en dat hij niet meer leefde, maar niemand wist dat hij als geest door Zweinstein bleef dwalen.
Nu moest hij tevoorschijn komen. De jongen die hij wel eens op feestjes had gezien met zijn gitaar vroeg of er iemand was, en dan was het een beetje lullig om ‘Nee hoor, er is niemand!’ terug te roepen.
Hij stapte door de medicijnkast heen en gaf een knikje.
“Mijn excuus,” zei hij Griffoendor-hoffelijk, en knikte de Huffelpufs toe. Daarna wist hij even niet wat hij moest zeggen, of misschien moest hij gelijk ter zake komen, maar hij wist niet hoe.
“Uhm,” begon hij, zoekend naar woorden. “Nou, zoals jullie wel zien ben ik dus dood, enne…” Hij vond zichzelf stom klinken als spook, maar stond daar niet lang bij stil. Hij wees naar het nachtkastje.
“Dat medaillon is daarvan het gevolg. Valarie heeft mij vermoord om dat ding te kunnen maken.” Hij hield zijn hand omhoog, waarvan een vinger ontbrak. “En ze had iets van honger ofzo?”
Wat wilde hij hiermee eigenlijk zeggen? Vergevingsgezind was hij alleen bij lichtere zaken; hij zou Valarie achtervolgen totdat zij zelf ook een vreselijke dood gestorven was. Oog om oog, tand om tand.
Dat medaillon moest worden vernietigd. Dat wilde hij zeggen. Dat gíng hij ook zeggen, ware het niet dat shit, shit, shit die stomme Zwad binnen kwam lopen.

“Een theekransje?” vroeg Mason toen hij de ziekenzaal in liep. Hij glimlachte: “Alicia, lieverd, als jij geen mannelijke aandacht zou hebben van heel Zweinstein, zou ik aan mijn goede smaak gaan twijfelen.”
Zelfverzekerd liep hij op haar af zonder al te veel te letten op een dode Griffoendor en een levende Huffelpuf. De patiënt, zijn vriendin, was het belangrijkste nu. Hij kwam voor haar, niet voor die gasten. Hij gaf een kus op haar haren en legde zijn hand op haar arm.
“Ik hoorde dat je zomaar het Verboden Bos in gerend bent,” zei hij bezorgd. “Ik ben blij dat je in één stuk bent teruggekomen. Of eigenlijk ben jij zo stoer dat je het bos vast een stuk veiliger hebt gemaakt! Toch? Hoe voel je je? Je zal vast toe zijn aan een Oude Klare of twee.” Of, Alicia kennende, een hele fles Oude Klare, maar hij wilde niet overdrijven.
Hij keek even naar haar en miste iets. In de eerste instantie wist hij nog niet wat, maar onwillekeurig moest hij aan Valarie denken en merkte hij op: “Ben je je medaillon kwijt?”
IP IP gelogd
Terug naar boven
Timsel
Moderator
Moderator
Avatar
Aartsvijand van het Spammelding

Lid geworden: 08 november 2007
Locatie: Italy
Online status: Offline
Berichten: 4963
Quote Timsel Beantwoordbullet Geplaatst op: 05 augustus 2020 om 10:45
“Aha, dus toch wel!” Alicia had al heel lang het gevoel gehad dat iemand haar de hele tijd in de gaten hield, en nu kwam de aap dus uit de mauw. Het was een geest, maar zijn naam wist Alicia niet en voordat ze dat aan hem kon vragen, kwam Mason binnen. Ze keek Joshua en de geest onbeholpen aan terwijl Mason haar een kus gaf.
Desondanks was ze wel blij om Mason weer te zien. Ze hield van hem. Of althans, dat dacht ze, want op het moment voelde ze vrij weinig. En daarvoor was ze eerder onder invloed geweest van Valaries gevoelens dan die van haarzelf, dus dat zei weinig.
Mason vroeg haar hoe ze zich voelde en of ze geen borrel moest hebben. Alicia aarzelde. Ze besloot maar niets te zeggen, simpelweg omdat ze niet goed wist hoe ze haar avontuur in het bos met Joshua uit zou kunnen leggen. Gelukkig kreeg ze daar ook niet de kans toe, gezien Mason direct opmerkte dat haar medaillon weg was.
Waarom zou hij dat opmerken? Had hij iets te maken met dat ding? Ineens voelde Alicia zich onveilig, maar ze zou dat niet laten merken. Ze probeerde luchtig te lijken, maar wisselde een angstvallige blik met Joshua en de geest. “Ik ben het medaillon kwijt geraakt,” besloot ze. “Ik was in het bos en werd toen aangevallen door een Delfstoffer. Hij heeft het gestolen. Ik probeerde hem nog tegen te houden, maar hij was al heel snel buiten zicht verdwenen.”
Er volgde een stilte. Alicia schraapte haar keel. “Maar ach, het is maar een sieraad, toch? Of vind je me plotseling niet knap genoeg meer zonder dat kettinkje?” vroeg ze op haar verleidelijke toon en gaf Mason een kus op zijn wang.
Het liefste wou ze dat Mason wegging, zodat ze uitgebreid met de geest kon praten. Maar hoe kon ze hem wegkrijgen? En had Mason iets met het medaillon te maken? Was hij een medeplichtige van Valarie en was hij er enkel voor om ervoor te zorgen dat Alicia het medaillon bij haar had? Hield hij wel van haar, of was dit alles deel van een veel groter iets?
“Joshua hielp me,” vervolgde ze. “Hij had wat beesten losgelaten in het bos en vond me terwijl ik mijn medaillon zocht. We hebben samen heel lang zitten zoeken, maar helaas niks kunnen vinden.” Ze keek Joshua even aan. Daarna glimlachte ze naar Mason. “Nu ben ik gewoon heel erg moe en wil het liefste uuuuuuren lang slapen.”
La scimmia nuda balla
IP IP gelogd
Terug naar boven
Blossom
Zwadderich
Zwadderich
Avatar

Lid geworden: 27 november 2008
Online status: Offline
Berichten: 8726
Quote Blossom Beantwoordbullet Geplaatst op: gisteren om 23:41
Ze loog tegen Mason. Joshua kon er niet over uit: waarom was ze niet eerlijk tegen haar eigen vriendje? Dat beloofde wat. Hoewel hij de laatste was die er iets van zeggen zou, want ze zou haar redenen wel hebben. Hij vertrouwde haar erop dat ze een klein beetje wist wat ze deed.
Op zich viel die Zwad hem niet tegen ook; hij had hem arroganter verwacht en ook had hij een bepaald claimgedrag verwacht, maar tegen die verwachtingen in, werd hij dus niet weggestuurd.
Dat spook was helemaal een verhaal apart. Diens dood was zo ongeveer in de doofpot gestopt, en Joshua had, omdat de jongen niet in zijn afdeling gezeten had, er weinig acht op geslagen. Het kasteel had een week of drie gegonsd van de moordverhalen, totdat niemand nog wist wat echt was en wat niet en uiteindelijk was het stil geworden en was de rust wedergekeerd. Joshua kampte met zijn eigen problemen: zijn nachtmerries en zijn Droomloze-Slaapdrankverslaving, de hallucinaties die daar overdag op volgden en de hang naar cannabis om zijn hoofd weer rustig te krijgen. De enige Zwads die hij daarbij echt gekend had, waren Jareth Unger en Jae Krall.
Niet Valarie. Ze klonk in de woorden van het spook gestoorder als Elfoy Surgens.
Spreken was zilver en zwijgen was goud. Of dat spreekwoord ook nu van kracht was, wist hij niet, maar hij liet alles maar. Hij stond op.
“Tien kilometer hardslapen,” grapte hij. “Doe maar. Je hebt het nodig. Ik ga naar de Leerlingenkamer.”
Met die woorden ging hij weg, stak zijn hand nog op naar anderen en ook naar Abigail, en voegde daad bij het woord. Een klein glimlachje kon hij niet onderdrukken toen hij afdaalde naar het maaiveldniveau: ze had hem gekust! Zijn lippen tintelden er nog van.

“Jaa, popje van me,” knikte Mason begrijpend. “Natuurlijk ben je zonder medaillon net zo mooi als mèt. Het viel me gewoon op: je had het altijd om! Ik dacht eerst dat meiden hun kettinkjes wel eens aanpasten aan hun outfit, maar dat was bij deze niet nodig: stond je altijd goed. Wel zonde, hoor. Ik koop wel een nieuwe voor je.”
Dondersgoed wist hij dat zijn ex-vriendin Valarie zo’n beetje alles met dit medaillon te maken had. Zo had Alicia af en toe dingen gezegd die heel Valarie-achtig waren en soms zelfs dingen die tussen hem en Valarie hadden gespeeld, waarvan Alicia niets af kon weten. Wat Valarie precies had gedaan, wist hij echter niet. Het ene moment hadden ze nog fijn verkering gehad, en had hij haar ondersteund met allerlei anti-Dreuzel-dingen. Beetje Modderbloedjes pesten; het hoorde erbij. Het grappige was altijd geweest dat als hij iets uitdacht, Valarie er dan vol in dook: head first zonder na te denken over consequenties.
Op een dag was ze niet meer zichzelf. Vanaf toen vond hij er geen barst meer aan. Het scheen dat ze nu van school af was en ergens op een zorgboerderij een cursus koeien melken kreeg. Wat restte waren prachtige herinneringen aan een pittige meid.
Oprecht hoopte hij dat het met Alicia beter zou aflopen, al had zij ook een verleden waarin ze veel minder sterk in haar schoenen had gestaan en zelfs een vreemde behandeling in het St. Holisto had ondergaan. Het kon hem niet schelen: Alicia was mooi en grappig, beroemd en ze durfde alles. Tenminste; hij hoopte dat dat zonder het medaillon ook nog zo zou zijn.
“Oké, doei,” riep hij Joshua na. Hoe minder mensen, hoe beter, zeker als het om die Dreuzelgeboren figuren ging. Die stonken.
Toen March eindelijk door de deur gewandeld was, vroeg hij zacht: “Serieus, Alies? Heeft hij je geholpen? Die Modderbloed ziet eruit alsof hij nog niet eens zijn schoenen vast kan strikken.”

Danyel hoorde de Zwad vol afschuw aan. Niet alleen was de jongen behoorlijk zelfverzekerd; hij kon ook nog eens zijn mening bij iemand opleggen. Een manipulatief kreng was die gast; zelfs jonger dan het meisje uit Huffelpuf, maar het leek erop alsof hij haar had waar hij haar hebben wilde.
Als spook kon Danyel niet veel, behalve zijn stem laten horen.
“Heb je de jongedame niet gehoord?” zei hij scherp. “Ze is moe en wil gaan slapen. Ik denk dat ze jou daar niet bij nodig heeft.”
Hij sloeg zijn armen over elkaar en wachtte zonder enig resultaat. Shit, het had zelfs beter geweest als die andere jongen, die Huffelpuf, had getreuzeld.
“Of vertel anders even wat JIJ had met VALARIE,” opperde hij scherp. “Jij hebt d’r zeker overtuigd om te gaan moorden?”
IP IP gelogd
Terug naar boven
<< Vorige Pagina  van 2
Beantwoord bericht Plaats een nieuw onderwerp
Printbare versie Printbare versie

Spring naar forum
je kan niet nieuwe onderwerpen plaatsen in dit forum
je kan niet antwoorden plaatsen in dit forum
je kan niet berichten verwijderen in dit forum
je kan niet berichten bewerken in dit forum
je kan niet enquêtes creëren in dit forum
je kan niet stemmen in enquêtes in dit forum